Kapelle-op-den-Bos

Kapelle-op-den-Bos
Arrondissement Halle-Vilvoorde; provincie Vlaams-Brabant
Deelgemeenten: Kapelle-op-den-Bos, Nieuwenrode, Ramsdonk
1525 ha; 9.065 inwoners

Kapelle-op-den-Bos 1880
In 1270 Capelle; kapel in het bosland van Smal-Brabant
Kapellenaar; Kapels
482 ha; zandlemig, vlak; aan het Zeekanaal Schelde-Brussel
Woondorp; landbouw; industrie

Geschiedenis

Kapelle-op-den-Bos heeft waarschijnlijk zijn oorsprong en naam te danken aan een bidplaats of kapel opgericht te midden van een bosgebied, dat in de loop van de eeuwen uitgroeide tot een parochiekerk. De hertog van Brabant gaf het dorp in de 13de eeuw een keure. Het ontstond als een geheel, afgebakend door oude wegen en beken met de heerbaan als ruggengraat, tussen drie grote domeinen: Grimbergen-Meise, Zemst en Puurs. Vandaar de Kapelle IN DEN BOS.

Bezienswaardigheden

De legende vertelt dat een verdwaald edelman in de 13de eeuw, uit dank voor zijn redding een kapel liet bouwen, die later de parochiekerk werd. De Sint-Niklaaskerk is een driebeukige modern-Romaanse kerk. Ze werd gebouwd in 1564 en in de loop van de eeuwen vergroot en verbouwd. De laatste bouwfase aan de originele kerk dateert van 1866. Dit kerkgebouw werd in de meidagen van 1914 door de Duitse bezetter platgebrand. Drie beelden bleven gespaard en één glasraam, dat later in de pastorie, waar nu de bibliotheek is gevestigd, werd aangebracht. Pas in 1926 startte de heropbouw naar een ontwerp van architect J. Diongre, o.a. de bouwer van het N.I.R te Brussel. De kerktoren kreeg in plaats van een spits, zoals voorheen, een kroon, wat uniek is in ons land. De kerk heeft prachtige gebrand­schilderde glasramen met o.a. de twaalf apostelen. Deze glasramen werden in 1999 volledig gerestaureerd. Naast de kerk bevindt zich de 17de-eeuwse schandpaal.

Op het kerkhof staat een grafmonument van letterkundige kanunnik dr. Jaak Muyldermans (1855-1929) naar een ontwerp van de Mechelse architect Lauwers, die nu bekend staat als de meest vooruitstrevende modernist van de toenmalige Mechelse archtecten tijdens het interbellum.

Noemenswaardige Kapelse figuren die in de gemeente een gedenkplaat en/of straatnaam hebben gekregen, zijn: letterkundige kanunnik dr. Jaak Muyldermans (1855-1929), kunstschilder Evert Larock (1865-1901), Augustinus Verhaegen (1886-1965) - benedictijn van Affligem die bekendheid verwierf als componist en organist en de heemkundige Hendrik Van de Ven (1913-1979). Het kunstboek over kunstschilder Evert Larock is te koop in het gemeenschapscentrum de oude pastorie en in de gemeentelijke bibliotheek.

In het gehucht Oxdonk is er het Koningsteen. De oorsprong ervan is onbekend. Algemeen wordt verondersteld dat het oorspronkelijk een jachtpaviljoen was van de hertogen van Brabant. Wel weten we dat het reeds vermeld wordt in oude kronieken die dateren uit de 16de eeuw. Het veranderde dikwijls van eigenaar. Pas in 1671 kreeg het zijn benaming "Coninckxsteen" en dit op verzoek van de toenmalige eigenaar.

Nu is het Koningsteen een centrum om de moderne mens toe te laten zichzelf terug te vinden, zijn groeikracht als het ware te ontdekken.

Het Koningsteen is één van de vele mooie plekjes op het Oxdonk-wandelpad, te verkrijgen bij de toeristische dienst in het administratief centrum of in het gemeenschapscentrum de oude pastorie.

In de Mechelseweg is de beeldengroep "De ontmoeting" van Kapellenaar Guido Van Causbroeck (1952) een bezoek waard. Deze beeldengroep in steen van Soignies werd geplaatst in 2003 op de plaats waar het voormalige gemeentehuis stond. Drie beelden verwijzen naar de deelgemeenten via de metafoor van de volksfiguren. Twee beelden verwijzen naar verleden en toekomst.

Nieuwenrode

Nieuwenrode 1880
In 1155 Nuenroht; nieuw, en rode = ontginning
Nieuwenrodenaar; Nieuwenroods
582 ha; Brabantse zandleem; licht golvend, 10 à 27m; aan het Zeekanaal Schelde-Brussel
Landelijk woondorp

Geschiedenis

Het ontstaan van Nieuwenrode heeft alles te maken met de oprichting van een vrouwenklooster te midden van een uitgestrekte bosstreek op de grens van de twee parochies Wolvertem en Meise. Dit klooster moest principieel te Grimbergen zelf gebouwd worden als dubbelklooster waar canonici en sorores samenwoonden. Het project kon in gevolge de beslissingen van het algemeen kapittel van Premonstreit van 1137, dat voortaan zulke kloosters verbood door de pas gestichte abdij Grimbergen niet worden uitgewerkt. Daarom werd uitgezien naar het in ontginning zijnde noordelijk deel van Meise en Wovertem aan de rand van het bos.

Het klooster verdween in 1270, doch dit kortstondig bestaan was van enorm belang voor de ontwikkeling van deze voordien onbewoonde hoek van Meise. In 1874 werd het gehucht Nieuwenrode van Meise afgescheiden en als afzonderlijke gemeente erkend.

Bezienswaardigheden

De "oude pastorie" van Nieuwenrode, of beter het voormalige nonnenklooster, heeft de aanzet gegeven tot de dorpsstructuur die sedert 1976 is beschermd. Zowel het gebouw, als het poortje, de tuin en vijver, zijn beschermd als monument en als landschap. Het besluit kwam er nadat een deel van de pastorie in 1967 door brand zwaar was geteisterd.

Anno 1128 werd de abdij van Grimbergen gesticht door Hugo, abt van de Orde van Premonstreit en plaatsvervanger van de H. Norbertus. Door een overeenkomst tussen de Berthouts en de Heren van Wolvertem werden in Nieuwenrode de nodige gronden gevonden voor een afzonderlijk nonnenklooster. Het werd in 1643-1647 gebouwd op de samenloop van de kleine Schriekbeek en de Bierbeek. Aan alle zijden was het door water omgeven. Het gebouw werd in 1682 vergroot in de traditionele bak -en zandsteenstijl van de Renaissance. Het jaartal is te vinden op de balk in de Berthoutszaal.

Voor de restauratie stond het sedert decennia leeg. De functie van het gebouw wijzigde geregeld. Toch kan men afgaande op architecturale kenmerken de meeste plaatsen definiëren. De toegang is centraal gesitueerd en ligt in de as van de Kerkstraat. De as wordt ondersteund door het vrijstaande witstenen inkompoortje en door de brug over de wal. Het gebouw kan in drie zones verdeeld worden zowel ruimtelijk als functioneel: de feitelijke pastorie aan de oostzijde, de middenbouw als de ontvangstruimte, en de westgevel met de diensten. Deze verdeling is ook na de restauratie herkenbaar gebleven. Het gebouw ging in 1989 open als gemeenschapscentrum en is sindsdien de sensibilisator, stimulator en het kloppend hart van het culturele leven in de gemeente.

De kerk Onze-Lieve-Vrouw-Hemelvaart is een classicistische kerk met driebeukig schip. Ze is in de 12de eeuw opge­richt als kapel van het klooster. Er kwam een nieuwe kerk in 1613, die vergroot werd in 1750. Baron Emmanuel Vanderlinden d'Hoogvorst (1866), de toenmalige burgemeester van Meise, bekostigde in 1823 de ingrijpende vergrotings- en verfraaiingswerken. De Duitse bezetter stak in 1914 de kerk in brand. De wederopbouw dateert van 1923 en gebeurde met baksteen en witte zandsteen.

Andere bezienswaardigheden zijn: Hof ten Dorp, Het Molenhuis, Het Noorhof, Het Spaans hof, Brandhof en De Minnetraan. Een wandeling langsheen de monumenten is verkrijgbaar bij de toeristische dienst of in het gemeenschapscentrum de oude pastorie.

Ramsdonk

Ramsdonk 1880
In 1211 Ramesdonc; hram = raaf, en donk = lichte verhevenheid
431 ha; Klein-Brabant; vlak, 7 à 12m; aan de weg Brussel-Antwerpen en de spoorlijn Mechelen-Dendermonde
woondorp; landbouw

Geschiedenis

Ramsdonk maakte in de hoge middeleeuwen deel uit van het uitgestrekte gebied van de donken en broeken tussen Rupel en Zenne, waaraan nog de talrijke dorpsnamen herinneren. Het was een streek van laag gelegen gronden, tussen de vele beken, die uit Meise-Wolvertem vertrekken. Dit gebied was bezet met bossen en heiden, waartussen op de hoger gelegen delen de goede akkergronden werden bebouwd. Ramsdonk maakte oorspronkelijk deel uit van de "wastina in Hoxdonk", tussen Meise, Zemst, Hombeek, Leest en Heffen gelegen en paalde aan de bossen van Smalbrabant. In deze streek is Ramsdonk het oudste deel.

In tegenstelling met de andere Grimbergse parochiën ligt Ramsdonk in de zandstreek. Zij ligt aan de grens Brabant-Antwerpen.

Bezienswaardigheden

De Sint-Martinuskerk is een bakstenen neoclassicistische zaalkerk, met noord -en zuidkapellen, waarvan één als doopkapel wordt gebruikt, en met rechthoekig koor. Ze heeft de zandstenen laat-gotische westertoren behouden. Haar toren werd gebouwd in 1538, op de plaats waar voorheen een ander kerkgebouw stond, dat zeker van voor 1132 dateerde. De kerk leed erg onder de godsdiensttroebelen van de 16de eeuw. Een brand in 1599 was verwoestend. Enkel het hoogaltaar bleef gespaard. Een storm in 1606 richtte bijkomende schade aan. Pas in 1610 volgde de wederopbouw van de kerk.

Met de Franse bezetting in 1797 bleef de kerk gesloten. In 1836, een jaar na de oprichting van de kerkfabriek van Ramsdonk, begon men met een nieuwbouw.

In de kerk ligt de grafsteen van Domicilia Constantia Catherina van Beughem, achterkleindochter van P.P. Rubens. De kerk heeft twee prachtige glasramen, een barok-biechtstoel en unieke beelden.

De "pastorie" is gelegen achter de kerk. Ze is deels in traditionele bak -en zandsteenarchitectuur en heeft een mooie korfboogvormige inrijpoort. De huidige pastorie werd een jaar na de afbraak van de oude pastorie in 1613 gebouwd. Er zijn wandschilderijen op doek uit de 18de eeuw en een mooi 18de-eeuws houten Mariabeeld.

Het 17de-eeuwse kasteel van Houtem met fraai park en dreef hoorde toe aan de familie de Houtem. Maar het geheel is ouder. In 1180 werden de ridders van Ramesdonck als bewoners genoemd. Oorspronkelijk vormden de gebouwen een vierkant rond een binnenplein, alles omringd door een slotgracht. De ingangspoort voor het binnenplein, geflankeerd met twee torentjes, is omstreeks 1932 gebouwd. Het smeedijzeren hek aan de ingang van het park is afkomstig van de Brusselse Warande en werd hier ca. 1835 geplaatst. Kasteel en bijbehorende hoeve zijn nog bewoond.

Copyright Gemeente Kapelle-op-den-bos | Marktplein 29, 1880 Kapelle-op-den-bos | T. 015 71 32 71 | F. 015 71 37 25 | E. info@kapelle-op-den-bos.be